In de tussentijd heb ik het brandstofsysteem en de carburateur onder handen genomen. Helaas ben ik vergeten om fotos te maken van het eindresultaat
Eerst de batterijen en onstekingsschakelaar bijlangs, die waren goed. Toen de bougies, ook goed. Bougiekabels waren ook goed, behalve 1. Verdelerkap was totaal doorgerot, dus een nieuwe ingezet (met plastic kapje om doorslaan te voorkomen). Rotor was nog wel goed. De contactpunten waren nog wel ok, dus goed schoongemaakt en toen deden die het ook weer prima.
Dus toen maar is gaan nameten zoals op het forum staat. Ik heb het even gekopieerd voor het overzicht, met mijn metingen in haakjes erachter:
Verdraai de motor zodat de contactpunten geopend zijn.
-Meet spanning op ingaande kant van de weerstand, dit moet 24-25 volt zijn. (24V)
-Tijdens schakelen moet spanning stabiel blijven. (Blijft 24V)
-Meet uitgaande kant van de weerstand. Spanning moet 24-25 volt zijn. (Als de contactpunten open zijn, begint het op 12V waarbij het voltage snel daalt tot 4,0-4,5V)
-Tijdens schakelen moet de spanning aan de uitgaande kant van de weerstand dalen naar 4-6 volt. (Als de contactpunten dicht zijn 24V)
-Meet spanning op de + van de bobine, deze moet 24-25 volt zijn. (Als de contactpunten open zijn, begint het op 12V waarbij het voltage snel daalt tot 4,0-4,5V)
-Meet spanning op de + van de bobine tijdens schakelen, spanning moet 4-6 volt zijn. (Als de contactpunten dicht zijn 24V)
-Meet spanning op de – van de bobine, spanning moet 24-25 volt zijn (Als de contactpunten open zijn, begint het op 12V waarbij het voltage snel daalt tot 4,0-4,5V)
-Meet spanning op de – van de bobine tijdens schakelen, spanning moet 0 volt zijn. (Als de contactpunten dicht zijn 24V)
Dus misschien interpreteer ik de instructies fout
Als ik naar mijn metingen kijk zou ik willen stellen dat de bobine kortsluiting maakt, omdat de + en - hetzelfde voltage hebben. Ook is weerstand over de bobine ongeveer 2 kΩ, wat mij te laag lijkt
Maar dat zou alsnog niet kunnen verklaren waarom mijn metingen als het ware tegenovergesteld zijn aan correcte metingen

